- Joost Langeveld -
Lucky Star

Joost Langeveld uit Nijmegen
Joost Langeveld studeerde orgel bij Bert Matter aan het Arnhems Konservatorium, na eerst les gehad te hebben van Cor Kee. Daarnaast studeerde hij sociologie en muziekwetenschap aan de Nijmeegse universiteit. Hij behaalde het diploma uitvoerend musicus met de hoogste onderscheiding en won twee maal de eerste prijs op het Internationale Orgelimprovisatieconcours te Haarlem.
Thans doceert hij muziekgeschiedenis aan de HOVO te Nijmegen na jarenlang aan de universiteiten van Nijmegen en Utrecht verbonden te zijn geweest Als organist is hij in dienst van de Grote of St.Stevenskerk te Nijmegen en geeft hij regelmatig concerten in binnen- en buitenland. Daarbij combineert hij muziek vaak met andere takken van kunst. Zo heeft hij samengewerkt met verschillende dichters en verhalenvertellers, een streetdance-groep en een jongleur. Daarnaast geniet hij bekendheid als muzikaal begeleider van stomme films. Hij componeerde cabaret-, kerk- en straatliederen en publiceerde een boek over muziektheorie onder de titel Horen en zien.
Improviaties bij de film Lucky Star (1929) van Frank Borzage
De film Lucky Star van Frank Borzage – een van de laatste stomme films – is een klassieke romantische love-story. Twee geliefden worden gescheiden door omstandigheden die zij zelf niet in de hand hebben, maar zij weten alle obstakels te overwinnen door hun geloof in elkaar. Zelfs fysieke grenzen blijken te verdwijnen door de kracht van hun liefde en verlangen. Of dat laatste realistisch is, is hier niet aan de orde. Het gaat om een indringende verbeelding van wat menselijke liefde vermag.
In overeenstemming met de inhoudelijke thematiek heeft deze film een intiem karakter. Er zijn maar weinig personages en de locaties zijn merendeels kleinschalig. Er wordt weergaloos geacteerd door de beide hoofdrolspelers, Janet Gaynor en Charles Farrel, die destijds als duo grote populariteit genoten. Eén subtiele oogopslag zegt vaak meer dan een mondvol woorden. Maar ook de regisseur is niet de eerste de beste. Toen in 1929 voor ’t eerst in de filmgeschiedenis de Academy Award voor de beste regie werd uitgereikt, viel Frank Borzage deze eer te beurt.
Een stomme film is – in tegenstelling tot de geluidsfilm – een onaf product, een halffabrikaat, dat pas in een voorstelling met live spelende musici een afgerond product wordt. Filmvoorstellingen waren destijds unieke opvoeringen dankzij de levende muziek. Deze werd, afhankelijk van de status van een filmtheater, geproduceerd door een orkest, een klein ensemble, een pianist of een organist. In vele filmtheaters werden (pijp)orgels geplaatst waarop de organist passende filmmuziek ten gehore bracht. Vanavond wordt de situatie omgedraaid: Bij het orgel worden een projector en een filmdoek geplaatst. Het resultaat is in beide gevallen hetzelfde: een belangwekkende film die tot leven komt dankzij geïmproviseerde live-muziek: een unieke belevenis!